Wat is een el, een efa of een sikkel — en hoeveel is dat vandaag?
| Eenheid | Modern | Toelichting | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| el | ± 44,5 cm | De afstand van elleboog tot vingertop. Verreweg de meest gebruikte maat. Schattingen lopen van 42,8 tot 52,5 cm; de tunnel van Siloam (1200 el ≈ 533 m) wijst op ongeveer 44,4 cm. | Genesis 6:15 280× |
| span | ± 22–26 cm | Een halve el: de gespreide hand van duim tot pink. | Exodus 28:16 8× |
| handbreed | ± 7,4–8,7 cm | Een zesde el: de breedte van vier vingers. | Ezechiël 40:5 4× |
| vinger | ± 1,9 cm | Een kwart handbreed; de kleinste maat. | Jeremia 52:21 1× |
| riet | ± 2,7–3,1 m | Zes ellen; de meetstok van de landmeter. | Ezechiël 40:5 29× |
| vadem | ± 1,80 m | De spanwijdte van beide armen; gebruikt om diepte te peilen. | Handelingen 27:28 2× |
| schrede | ± 0,75–0,90 m | Eén stap. | 1 Samuel 20:3 2× |
| stadie | ± 185 m | Griekse maat. Omstreden: de Attisch-Romeinse stadie is 184,8 m, de Olympische 192 m, de Ptolemeïsche ongeveer 157 m. | Lukas 24:13 11× |
| mijl | 1478 m | De Romeinse mijl: duizend dubbele passen. Vrijwel onbetwist. | Mattheüs 5:41 2× |
| sabbatsreis | ± 890 m | Tweeduizend el; de afstand die men op sabbat mocht afleggen. Een rabbijnse regel, niet in de Bijbel zelf omschreven. | Handelingen 1:12 1× |
| dagreis | ± 30–40 km | Geen consensus. Een karavaan haalde 25–30 km, een legermars tot 40 km. | Numeri 10:33 13× |











De efa (droog) en de bath (nat) zijn even groot; de Bijbel zegt dat zelf in Ezechiël 45:11. Alle onderstaande maten hangen daaraan vast, dus één onzekerheid werkt door in de hele tabel.
| Eenheid | Modern | Toelichting | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| homer / kor | ± 220 L | De grootste maat: tien efa. Een ezelslast. | Ezechiël 45:14 21× |
| efa | ± 22 L | De standaardmaat voor graan. | Ruth 2:17 38× |
| bath | ± 22 L | Dezelfde inhoud als de efa, maar voor vloeistoffen. | 1 Koningen 7:26 15× |
| maat (sea) | ± 7,3 L | Een derde efa. | Genesis 18:6 18× |
| hin | ± 3,7 L | Een zesde bath; maat voor olie en wijn bij de offers. | Exodus 29:40 22× |
| gomer | ± 2,2 L | Een tiende efa — de dagelijkse portie manna. | Exodus 16:16 6× |
| kab | ± 1,2 L | Komt één keer voor, tijdens de hongersnood in Samaria. | 2 Koningen 6:25 1× |
| log | ± 0,3 L | De kleinste inhoudsmaat; alleen bij het reinigingsoffer. | Leviticus 14:10 5× |
| metreet | ± 39 L | Griekse maat. De watervaten op de bruiloft te Kana hielden er twee of drie: 75 tot 115 liter per vat. | Johannes 2:6 3× |
| korenmaat | ± 8,8 L | De Romeinse modius. In de evangeliën vooral als vóórwerp: de korenmaat waaronder je geen lamp zet. | Mattheüs 5:15 3× |
| maatje | ± 1,1 L | Een dagrantsoen graan voor één persoon. | Openbaring 6:6 2× |











| Eenheid | Modern | Toelichting | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| talent | ± 34 kg | Drieduizend sikkel. In het Nieuwe Testament gaat het om het lichtere Griekse talent van ongeveer 26 kg — en daar meestal om een geldbedrag, niet om gewicht. | 1 Koningen 9:14 92× |
| pond | ± 327–570 g | Drie verschillende eenheden onder één woord; zie de waarschuwing hieronder. | Johannes 12:3 19× |
| sikkel | ± 11,4 g | De basiseenheid, afgeleid uit opgegraven Judese gewichten (11,0–11,7 g). Oudere literatuur noemt 14,5 of 16,4 g; die waarden zijn verlaten. | Genesis 23:16 132× |
| beka | ± 5,7 g | Een halve sikkel. Gevonden beka-gewichten wegen 5,6 tot 6,0 g. | Exodus 38:26 1× |
| gera | ± 0,57 g | Een twintigste sikkel; de kleinste gewichtseenheid. | Exodus 30:13 5× |





Geldbedragen zijn bewust niet omgerekend naar euro's. De zilverwaarde van een munt zegt namelijk weinig over wat je ervoor kon kopen; een dagloon is een veel bruikbaarder maatstaf.
| Munt | Waarde | Toelichting | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| penning | één dagloon | De Romeinse denarius, ongeveer 3,9 g zilver. Mattheüs 20:2 zegt zelf dat het het dagloon van een landarbeider was. | Mattheüs 20:2 30× |
| zilverling | ± 1 sikkel | Een niet nader genoemd gewicht zilver. De dertig zilverlingen lopen als een draad van Exodus 21:32 via Zacharia 11:12 naar Mattheüs 26:15. | Genesis 37:28 22× |
| drachme | ± 1 dagloon | Griekse zilvermunt van ongeveer 4,3 g. In Ezra en Nehemia staat hetzelfde woord echter voor de Perzische dariek, een góúdmunt — ongeveer twintig keer zoveel waard. | Lukas 15:8 13× |
| stater | 4 penningen | De munt uit de bek van de vis, genoeg voor de tempelbelasting van twee man. | Mattheüs 17:27 1× |
| oort | 1/64 penning | Het muntje van de arme weduwe; de kleinste munt in omloop. | Markus 12:42 1× |





| Eenheid | Modern | Toelichting | Voorbeeld |
|---|---|---|---|
| uur | 45–75 min | Geteld vanaf zonsopgang: het derde uur is ongeveer negen uur 's ochtends, het zesde uur is middag, het negende uur drie uur 's middags. Het waren seizoensuren — een twaalfde van de daglengte — dus 's zomers langer dan 's winters. | Mattheüs 20:3 114× |
| nachtwake | 3 of 4 uur | Het Oude Testament verdeelt de nacht in drie waken, het Nieuwe Testament volgt de Romeinse indeling in vier. | Richteren 7:19 13× |


De uren, de nachtwaken en uitdrukkingen als tussen twee avonden staan uitgebreider — met de omrekening per uur en de bijbehorende onzekerheid — op tijdsaanduidingen. Daar hoort ook een aparte leesoptie bij.
Niet uit één woordenboek. Elke waarde hieronder rust op iets dat te controleren is: een opgegraven gewicht met het bedrag erop gekrast, een kruik met een maataanduiding, een opgemeten bouwwerk, of een verhouding die de Bijbel zelf noemt. Daarom staat er bij elke groep welke vondst of tekst de doorslag geeft.
| Waarde | Waarop gebaseerd |
|---|---|
| el ≈ 44,5 cm | De tunnel van Siloam in Jeruzalem. De inscriptie bij de uitgang meldt een lengte van 1200 el; de tunnel meet ongeveer 533 meter. Dat geeft 44,4 cm per el. Een van de weinige plaatsen waar een Bijbelse maat rechtstreeks aan een bestaand bouwwerk te toetsen is. |
| lange el ≈ 52 cm | De Bijbeltekst zelf: Ezechiël 40:5 en 43:13 omschrijven de gebruikte el als “een el en een handbreed”, dus zeven handbreedten in plaats van zes. |
| sikkel ≈ 11,4 g | Geïnscribeerde Judese gewichten — koepelvormige steentjes met het aantal erop gekrast, gevonden in Jeruzalem en Lachis. Ze wegen 11,0 tot 11,7 gram. Oudere handboeken noemen 14,5 of 16,4 g op grond van Babylonische standaarden; die waarden zijn verlaten. |
| beka ≈ 5,7 g | Gevonden gewichten met het opschrift beka wegen 5,6 tot 6,0 gram — precies de helft van een sikkel, zoals Exodus 38:26 zegt. |
| efa / bath ≈ 22 L | Kruikscherven met het opschrift bt (bath), opgegraven in Lachis, Tell Beit Mirsim en Tell en-Nasbeh. Sinds de jaren zestig de gangbare aanname. Josephus komt op 39 tot 45 liter; zie de opmerking hierboven. |
| de overige inhoudsmaten | Verhoudingen uit de Bijbel zelf. Ezechiël 45:11 stelt efa en bath gelijk; Exodus 16:36 noemt de gomer een tiende efa; Ezechiël 45:14 de kor tien bath. Alles hangt dus aan die ene waarde. |
| mijl = 1478 m | De Romeinse mijl, duizend dubbele passen. Vastgelegd met mijlpalen langs de Romeinse wegen en daardoor nauwkeurig bekend. |
| stadie ≈ 185 m | De Attisch-Romeinse stadie van 184,8 m, afgeleid uit opgemeten stadions. Andere stelsels wijken af: de Olympische stadie is 192 m, de Ptolemeïsche ongeveer 157 m. |
| munten | Zilvergewicht van bewaarde munten; de koopkracht komt uit Mattheüs 20:2, dat een penning het dagloon van een landarbeider noemt.zilvergewicht van bewaarde munten: de denarius weegt ongeveer 3,9 gram, de drachme 4,3. De koopkracht komt niet daaruit maar uit de Bijbel zelf — Mattheüs 20:2 noemt een penning het dagloon van een landarbeider. |
Geen enkele opgave is exact; het gaat om ordes van grootte. Waar bronnen elkaar tegenspreken staat de gangbare waarde met de spreiding erbij, en waar geleerden verdeeld zijn is dat apart vermeld. De genoemde aantallen zijn de werkelijke voorkomens in de tekst van de Open Vertaling, geteld in de brondata. Zie ook verantwoording & bronnen.